Truus
=
Truus

Hoofdstuk 1

Truus = Truus

Achtergrond-
informatie

Ben jij Truusoloog?

Gastenboek

FAQ

Home

Sitemap

Usenet en de komst van Truus

Internet wordt vooral door de media als synoniem gebruikt voor het world wide web (WWW). De daadwerkelijke kracht van het Internet zit echter niet in dat surfen, het kopen op afstand of de mogelijkheid om tv-beelden op je pc te krijgen. De kracht zit in de mogelijkheid om onderling te communiceren, bijvoorbeeld door gebruik te maken van elektronische post en IRC (Internet Relay Chat, een soort babbelbox).
Veel meer mogelijkheden op het gebied van communiceren dan IRC of e-mail heeft Usenet, een bonte verzameling van nieuwsgroepen. Een nieuwsgroep kan het beste vergeleken worden met een ingezonden brievenrubriek in een krant, met als verschil dat berichten meestal niet vooraf worden geselecteerd en dat er een rijke discussie ontstaat doordat mensen heel eenvoudig op elkaars bericht kunnen reageren. Net als bij een krant leest ieder de stukken op het moment dat het hem of haar uitkomt en alleen die stukken die interessant zijn.
Zowel nationaal als wereldwijd kunnen mensen op deze manier met elkaar praten, ideeën uitwisselen en problemen aan de kaak stellen. Door middel van Usenet is het mogelijk om in landen waar het door de politieke situatie via andere media onmogelijk is (onafhankelijke) informatie te bemachtigen, toch informatie uit te wisselen met gewone burgers en lokale radiostations. Fouten van grote, machtige fabrikanten kunnen door gewone mensen zoals jij en ik aan de kaak gesteld en geopenbaard worden. Hét bekendste voorbeeld daarvan is de fout in de pentiumchip die is ontdekt door een wiskundedocent. Intel bleef in eerste instantie bij hoog en bij laag ontkennen, tot het nieuws via Usenet de hele wereld over was, inclusief de beschrijving van een eenvoudig testje. Zonder de communicatievoorzieningen van Usenet was dit niet mogelijk geweest.
Iedereen ter wereld met een pc (dat hoeft niet eens een heel geavanceerde te zijn), modem en Internetaansluiting kan de nieuwsgroepen lezen. Je kunt het zo gek niet bedenken, of er is een nieuwsgroep voor. Zo zijn er niet alleen groepen voor elk computersysteem, ook veel culturen, popgroepen, bekende Amerikaanse tv-presentatoren en -series hebben hun eigen groep. De groepen zijn hiërarchisch ingedeeld en hebben een naam waaraan valt af te lezen wat je er kunt verwachten. Zo beginnen alle groepen over computers met ‘comp.’, gevolgd door een nadere specificatie, bijvoorbeeld comp.os.ms-windows voor computers met Microsoft Windows als operating-systeem. De meer sociaal georiënteerde groepen beginnen met ‘soc.’, zoals soc.culture.netherlands. Er is verder nog een alternatieve tak (‘alt.’) met onder andere groepen als alt.cows.moo.moo.moo, maar ook een specifieke hiërarchie voor Nederlandse groepen zoals nl.fiets, nl.misc en nl.eeuwig.september.
Schattingen van het aantal groepen lopen sterk uiteen. Deja News, één van de bedrijven op Internet die een bestand bijhoudt van postings (zoals de berichten genoemd worden), houdt het wat betreft het aantal groepen op 80.000. Het bedrijf slaat dagelijks uit al die groepen meer dan 500 Mb aan berichten op. Volgens Deja News schrijven maar liefst 24 miljoen mensen over de hele wereld regelmatig berichtjes.

Nieuwsgroepen maken het niet alleen mogelijk met anderen te communiceren, het zijn voedingsbodems voor virtuele gemeenschappen. Een virtuele gemeenschap ontstaat, net als een niet-virtuele gemeenschap, doordat mensen elkaar vaak op een vaste plek tegenkomen. Daarbij ontstaat een binding, een samenhorigheid tussen de leden van die gemeenschap. Zoals Howard Rheingold aangeeft in zijn boek ‘The virtual Community’:

‘Mensen in virtuele gemeenschappen gebruiken woorden op schermen om vriendelijkheden en argumenten uit te wisselen, zich in intellectuele debatten te engageren, handel te verrichten, kennis uit te wisselen, emotionele steun te delen, plannen te maken, nieuwe ideeën te bedenken, te roddelen, ruzie te maken, verliefd te worden, vrienden te vinden en ze te verliezen, spelletjes te spelen, te flirten, een beetje hoge kunst te scheppen en een heleboel kletspraat te verkopen. Mensen in virtuele gemeenschappen doen zo ongeveer alles wat mensen in het werkelijke leven doen, maar we laten onze lichamen achter. Je kunt niemand kussen en niemand kan jou op je neus slaan, maar binnen deze grenzen kan er een heleboel gebeuren. Voor de miljoenen mensen die bij virtuele gemeenschappen zijn betrokken, is de rijkdom en vitaliteit van door computers verbonden culturen aantrekkelijk, zelfs verslavend.’

In nieuwsgroepen ontstaan dergelijke virtuele gemeenschappen. De onderlinge binding kan een bepaalde hobby zijn, maar ook, zoals in nl.eeuwig.september, meer op het menselijke vlak liggen. Usenet maakt het bovendien mogelijk een andere persoonlijkheid aan te nemen, een persoonlijkheid die in het echte leven niet bestaat. Het zijn vaak kleine veranderingen ten opzichte van de werkelijkheid. Door de onderlinge afstand, berichten worden tenslotte vanachter je eigen computer en asynchroon verstuurd, verdwijnen sociale drempels. Zo kan een heel bescheiden en stille jongen in een nieuwsgroep de grootste herrieschopper worden en gaan mensen sneller dan IRL (In Real Life) op een ander schelden. Wat iemand onderscheidt van een ander is zijn taalgebruik. Woordkeus, stijl en opmaak van berichten worden de persoonskenmerken in plaats van haarkleur, postuur of het hebben van een bril.
De sociale lagen die we in ons dagelijkse leven ervaren, verdwijnen als sneeuw voor de zon. Zo maakt het niet meer uit of je tegen een directeur, iemand uit een sociale werkplaats, een lichamelijk gehandicapte, een gepensioneerde arts of een schrijver praat. Het enige verschil dat door het gebruik van namen nog wel te zien is, is sekse. Door een sekseneutrale naam te kiezen, valt ook dit verschil weg. Velen nemen een alias, een andere naam, maar blijven toch grotendeels zichzelf. Het gebruik van een alias komt gedeeltelijk voort uit de hackersscene. Het kraken van computers kan onmogelijk onder je eigen naam gebeuren. Door het aannemen van een alias als RGB of Slartibartfast, wordt het een stuk lastiger te achterhalen hoe iemand werkelijk heet. Tegenwoordig is het een aardig ingeburgerd verschijnsel en vaak de enige manier om een leuke en te onthouden naam voor je e-mailadres te krijgen. Dit omdat de provider al bijna alle voornamen heeft vergeven en niemand zit te wachten op een naam als ‘jan53’. Een alias biedt ook de mogelijkheid om een geheel andere identiteit of zelfs een ander geslacht aan te nemen. Niet iedereen houdt dat lang vol. Er lijkt meestal wel een behoefte te bestaan om uiteindelijk je echte identiteit prijs te geven. Eén van de weinige persoonlijkheden, zo niet de enige in Nederland, die dit wel al jaren volhoudt, is Truus de Wit. Zij is het mysterie in het Nederlandse deel van Usenet. Bij de oprichting van XS4ALL (in die tijd heette het nog Hacktic) op 4 mei 1993 nam Truus een account bij deze eerste particuliere Internetaanbieder in Nederland en ze is daar niet meer weggegaan.
Niet alleen was ze één van de eersten die door middel van het enige inbelnummer in Amsterdam via XS4ALL inlogde, ze was ook een van de weinigen met een overduidelijk vrouwelijke alias. Dat zal zeker hebben bijgedragen aan haar bekendheid. Truus is in 1993 niet direct heel erg actief op Usenet. Ze post in de zomer van dat jaar wel eens wat in de groep nl.misc, die toen nog nlnet.misc heette, maar houdt zich nog wat op de vlakte. De echte actie begint pas in september 1993. Directe aanleiding hiervoor is het Volkskrantartikel van 31 augustus 1993, ‘Cyberspace kent vele vluchtoorden’ geschreven door journalist Francisco van Jole. In dit artikel, één van de eerste artikelen over Internet in de landelijke Nederlandse media, gaat Van Jole in op wat cyberspace nu eigenlijk is: ‘een wereld waar "contact" het synoniem lijkt voor "eenzaamheid"‘. Verder laat hij zien wat vreemd type mensen het Internet bevolkt. Niet alleen gaat het artikel in op SM en seks met pony’s, maar ook wordt Truus de Wit geïnterviewd. Volgens Van Jole is Truus één van de vaste bewoners van de nieuwsgroep nl.misc. Van Jole geeft in het stuk eveneens overduidelijk zijn mening over de nieuwsgroep. Het niveau van de berichten zou ‘meestal niet het peil van een gemiddelde verjaardagskeuvel ontstijgen. De meer serieuze gebruikers beschouwen nl.misc als een verloren terrein, een gebied dat in bezit is genomen door een harde kern en daardoor onaantrekkelijk gemaakt. Zoiets als een buurthuis dat wordt overgenomen door de plaatselijke jeugdbende’. In latere jaren heeft Van Jole zich wel gedistantieerd van deze uitspraken, maar in 1993 zijn ze aanleiding genoeg voor de lokale bevolking van misc, zoals nl.misc genoemd wordt, om als een blok over Van Jole heen te vallen. Uit onverwachte hoek komt bijval voor Van Jole in de persoon van Truus de Wit. Truus verdedigt hem met hand en tand, alsof haar eigen leven er vanaf hangt. Het lijkt er in 1993 op alsof ze voor dat ene doel, het verdedigen van Van Jole, tot leven is gewekt. Het is het enige dat ze in haar eerste jaar in de nieuwsgroep nl.misc zal doen. In latere jaren zal ze ook over andere onderwerpen een mening geven, maar zelfs dan zal ze zodra iemand iets negatiefs over Francisco van Jole schrijft, er direct tegenin gaan. Ze weet ook iedereen feilloos te wijzen op de juiste spelwijze van Francisco van Jole’s naam:

>Ja Fransisco wake up jongeman en spijker mij effe bij.

Is FranCisco!

Haar fanatisme drijft menigeen tot waanzin. Ze grijpt alles aan om maar aan iedereen duidelijk te maken dat Van Jole een heel goede journalist is. Zodra de term ‘Volkskrant’ maar valt, komt Truus aanzetten met de opmerking dat ze daar heel goede journalisten hebben. Van Jole is voor haar de beste journalist die er is en dat zal altijd wel zo blijven.

Na haar eerste berichten in juni 1993 sluipt Truus langzaam maar zeker misc in en wordt in de loop van de jaren steeds actiever. Ze wordt geleidelijk aan zelfs een van de meest actieve mensen in de nieuwsgroep, zoals blijkt uit de analyse van de statistische gegevens van misc van 1993 tot en met 1996 (tabel 1).

  1993 1994 1995 1996
Totaal aantal berichten in nl.misc 26479 26529 47726 48594
Aantal mensen in de top 20 42 57 46 41
Aantal berichten van de mensen in de top 20 15723 17153 23527 25739
% berichten van top-20-posters t.o.v. alle berichten 60% 65% 50% 53%
Aantal mensen met meer dan 1000 berichten in het jaar 4 4 6

(3 boven de 2000)

9

(3 boven de 2000)

Aantal berichten van de extreem actieve 5269 5057 10694 14678
% van alle berichten die de extreem actieve hebben gestuurd 20% 20% 22% 30%
Gemiddeld aantal berichten per jaar van de mensen in de top 5 1248 1151 1896 2040
Tabel 1: Analyse van de statistiek, bijgehouden door A3 (Adri Verhoef), Jaap Verhoeven en Erik TKS (Erik Tjong Kim Sang).

De statistiek van nl.misc laat een fraai beeld van de geschiedenis van de nieuwsgroep zien. Duidelijk is dat het aantal berichten in de loop van de jaren bijna is verdubbeld. Topmaand is januari 1996 met ruim 8000 berichten, oftewel meer dan 250 berichten per dag. Zijn in 1994 nog minder dan 100 berichten per maand voldoende om in de top drie te staan, begin 1996 zijn al rond de 400 berichten per maand nodig om hetzelfde te bereiken. Ondanks die groei zorgt de top vijf van mensen die veel berichten schrijven, nog steeds voor iets meer dan twintig procent van al het verkeer.

Er is een groot verschil te zien in het aantal berichten in 1993/1994 en in 1995/1996. Het omslagpunt, de verdubbeling van het aantal nieuwsberichten per maand ligt in maart 1995. Onduidelijk is wat daar de precieze oorzaak van is. Er wordt wel steeds meer geschreven over Internet, maar er is in maart 1995 geen sprake van opvallende berichtgeving in de media. Langzaam maar zeker komen er steeds meer providers voor particulieren. De Digitale Stad in Amsterdam bestaat al, maar de grote provider Planet Internet moet het licht nog zien. De meest waarschijnlijke reden voor de plotselinge groei is dat de bewoners van misc zelf steeds meer zijn gaan schrijven. Daarnaast zal een gedeelte van de lurkers, de mensen die alleen maar op de achtergrond lezen en nooit te zien zijn, actief zijn geworden.
Verder valt op dat rond diezelfde tijd, begin 1995, een generatiewisseling plaatsvindt in misc. De meeste mensen die in 1993 en 1994 nog hoog in de overzichten staan, komen niet meer voor in de overzichten van 1995 en 1996. Slechts zes mensen zijn de hele periode van vier jaar in de top twintig terug te vinden. Dat zijn Mike Schenk, Johan Wevers, Jaap Verhoeven, Izak van Langevelde, Arthur van Leeuwen en Alex Priem. Van deze zes heren zijn er slechts twee nog regelmatig terug te vinden in nl.eeuwig.september, de opvolger van misc. De overige vier zijn inmiddels verhuisd naar andere nieuwsgroepen of zijn niet meer actief.
Uit de statistiek blijkt ook dat Truus vanaf oktober 1994 niet meer weg is geweest uit de top twintig. Ze is in 1995 en 1996 zelfs in de top vijf te vinden. Truus haalt respectievelijk de tweede (met 4,7% van alle berichten) en de eerste plaats (met 6% van alle berichten) in de overall-lijst van dat jaar. Kortom, vanaf 1994 is Truus niet meer weg te denken uit misc.


hoofdstuk 2: De virtuele gemeenschap in nl.misc hoofdstukindeling

 

© 1999 Margot Lagendijk